Hoe vergaat het oud-student Tim Verheijen?

25 januari 2017

Vandaag is het woord aan Tim Verheijen uit Nederweert, 24 jaar en oud-student van Roc Gilde Opleidingen. Hij kijkt onder andere terug op het niveau van het mbo ten opzichte van het door hem gevolgd vervolgtraject. 

‘Afgelopen zomer heb ik mijn diploma gehaald met een afstudeerscriptie over het digitaal inkoopproces. Na een maand backpacken in Thailand, ben ik sinds afgelopen november werkzaam als financieel consultant. Daarnaast heb ik sinds 2015 een eigen administratiekantoor waardoor ik inzetbaar ben als ZZP’er en voor enkele klanten de administratie up-to-date houd. In dit artikel zal ik terugblikken op mijn ervaring van het mbo en de overstap naar het hbo. 

Primaire vakken
Het niveau van mbo mag niet onderschat worden. Vakken als bedrijfsadministratie en bedrijfseconomie zijn essentieel als je wilt slagen als vakman in de financiële sector. Daarvoor moet je wel enige aanleg hebben voor financiën. Aanvoelen waarom financiële gegevens op een bepaalde wijze geboekt worden en de achtergrondinformatie van de journaalpost snappen. Bij veel bedrijven gaat de administratie telkens een stap verder in de automatisering. Dat betekent, naar mijn mening, niet dat de rol van administrateur gaat vervallen. Echter, is het in de toekomst belangrijker om cijfers op betrouwbaarheid en juistheid te controleren dan deze zelf handmatig in te boeken. Daarvoor is achtergrondkennis nodig en die leer je met vakken als bedrijfsadministratie en bedrijfseconomie. Je moet kunnen snappen waarom het systeem een bepaalde journaalpost boekt of waarom het systeem dacht dat het de journaalpost moest boeken. En dus niet vanuit computersystemen leren maar juist vanuit de theorie.

Secundaire vakken
Nu ben ik zeer specifiek aan het uitleggen wat voor kennis je nodig hebt om te slagen in de financiële sector. Echter worden de niet financieel gerelateerde vakken ondergewaardeerd. Bijvoorbeeld: je wilt gaan solliciteren en je schrijft een sollicitatiebrief met spelfouten. Dan word je al niet meer uitgenodigd om überhaupt jouw kennis en talent over te brengen. Engels wordt in de toekomst (nog) belangrijk(er). Door de globalisering is het makkelijk om contact te leggen met de andere kant van de wereld. Inkopen en verkopen buiten Europa is tegenwoordig de normaalste zaak van de wereld. Daar dien je echter wel Engels voor te beheersen. Naar mijn mening mogen schoolgemeenschappen hier strenger en strikter in optreden. Dan wel vak gerelateerd. Je hoeft in principe niet te weten hoe je ‘drogerij’ in het Engels zegt als je leert voor administratief werk. Als een leverancier belt over vervallen facturen, is het wel zaak dat je in goed Engels kunt communiceren omtrent dat onderwerp.

Stageperioden
Naast de vakken op het mbo, zijn praktijkervaringen door middel van stages belangrijk. Dit wordt door de studenten vaak over het hoofd gezien. Op stages moet je laten zien dat je naast theoretisch ook praktisch vakbekwaam bent geworden. Naast de theorie toepassen, wordt ook verwacht dat je enkele competenties beheerst. Kun je gestructureerd en accuraat te werk gaan? Toon je integriteit? Ben je stressbestendig? Werk je accuraat genoeg? Zulke competenties zijn moeilijk om op school te leren. Daar moet je aan werken op stages. Om dit te verbeteren zou ik voorstellen dat roc’s aan stageplaatsen aantonen wat studenten hebben geleerd. De studenten dienen dan aan te tonen dat ze het ook daadwerkelijk in praktijk kunnen brengen. Daarnaast verbaasde het me ook dat de kennis van Microsoft Office (met name Excel) van de studenten ondermaats is. Dit is zo belangrijk in de administratieve sector. Veel studenten weten nog net hoe ze de formule SOM moeten gebruiken in plaats van de ALS/DAN functie of Verticaal Zoeken (standaardformules die studenten onder de knie dienen te hebben).

Keuze hbo
Na het mbo ben ik verder gaan leren. Sommigen van mijn klasgenoten zijn direct al het bedrijfsleven ingegaan. Anderen zijn een totaal andere opleiding binnen het hbo gaan volgen. Iedereen zal zo zijn eigen visie hebben over zijn of haar toekomst. Omdat ik nog niet precies wist welk beroep ik wilde uitoefenen (interesse voor de financiële sector was wel aanwezig), ben ik bedrijfseconomie gaan volgen op het hbo. Met bedrijfseconomie hoef je pas in het vierde jaar een richting te kiezen, waarna je altijd nog kan switchen (de opleiding is erg breed georiënteerd). Als studenten niet gemotiveerd zijn of nog niet weten wat ze willen gaan doen, raad ik hbo af. De lat ligt namelijk veel hoger. Wel ben ik van mening dat iedere student hbo kan halen. De student moet er wel volledig voor willen gaan.

Voorsprong mbo-hbo
Waar veel studenten zich in vergissen en misschien ook niet weten, is dat je met een mbo-studie een voorsprong hebt op de havo-studenten. Mbo-studenten weten namelijk hoe het in zijn werk gaat (met behulp van de stageperioden). Zij weten waarom bepaalde zaken in de financiële administratie lopen of hoe een balans en winst- en verliesrekening in elkaar zit. havo-studenten weten dit niet. Deze studenten weten niet hoe het in de praktijk gaat. Alle (theorie)vakken hebben raakvlakken met de praktijk. De link leggen tussen de praktijk (goede stageplaatsen) is hiervoor van belang. 

Achterstand mbo-hbo
Uiteraard zijn er ook zaken waarin mbo-studenten achterlopen. Het niveau van de havo-studenten op het gebied van Nederlands en Engels is simpelweg hoger. Hier houden leraren ook rekening mee en daarin zal dus een tandje bij moeten worden gezet. In vakken als Statistiek of Financiële rekenkunde lopen havo-studenten ook voor. Niet omdat ze de vakken op het middelbaar onderwijs hebben gehad, maar omdat studenten sneller de link tussen bepaalde zaken leggen. Je ziet wel vaak dat ze elkaar helpen om de kennis te delen. In het hbo zie je ook dat er elk half jaar een project loopt. Er dient dan met twee-zes studenten een rapport opgesteld te worden en vervolgens te worden gepresenteerd aan de leraren, studenten of externe docenten. Je ziet dat elke opdracht een andere formulering heeft.

Conclusie
Concluderend vind ik het niveau van het mbo niet laag. Persoonlijk ben ik wel van mening dat er wat meer naar de praktijk gekeken mag worden. Meer aanbod voor lessen in Microsoft Pakketten (vooral Excel) en meer aandacht aan Engels en Nederlands (vakgerelateerd). Dat maakt de overstap naar het hbo ook prettiger en wellicht stimulerender. Daarnaast mag er wellicht ook meer op projectbasis gewerkt worden. Het leren samenwerken tussen studenten (later collega’s), het goed overbrengen van presentaties en het zakelijk schrijven van een rapport.


De komende maanden laten we regelmatig afgestudeerde mbo-studenten aan het woord. Zij vertellen over hun vervolg- en eerste werkervaringen. De verhalen zijn interessant en stimulerend om te delen met uw studenten.

Ga naar Financieel.info